
Het ontstaan van de Boergeit.
De boergeit is een ras dat begin negentienhonderd ontstaan is in Zuid-Afrika door nubische geiten te kruisen met Europese en Indische geiten.Dit vleesras is genoemd naar de Nederlandse boeren die naar Zuid-Afrika zijn geëmigreerd .
Door natuurlijke selectie ontstond een geitenras dat onder moeilijke omstandigheden in Zuid-Afrika kon overleven. Door de bespiering die ze hebben en de sterke benen kunnen boergeiten op dichtbegroeide en heuvelachtige plaatsen grazen. De witte vacht reflecteert het zonlicht, terwijl de roodbruine aftekening de kwetsbare rond de neus,oren,ogen en onder de staart (pigment) tegen het zonlicht beschermt.
Het Zuid-Afrikaanse stamboek werd in 1959 opgericht Boergeiten werden en worden naar andere landen geëxporteerd ,zoals de V.S. en Australië om de kwaliteit van de daar aanwezige geiten te verbeteren. In 1977 werden de eerste boergeiten naar Duitsland gehaald en van daar uit over andere Europese landen verspreidt. In 2003 werd de voorlopige rasstandaard in Nederland opgesteld naar overwegend de Zuid-Afrikaanse belangrijke kenmerken.
De Rasstandaard
De boergeit is een snelgroeiende goed geproportioneerde geit van gemiddelde afmeting, met goede productie-eigenschappen voor eersteklas vlees. Er moet op alle leeftijden een goede verhouding zijn tussen de lengte van de benen en de diepte van de romp. waarbij de lammeren en de jonge geiten iets hoogbeniger zullen zijn in verhouding. Ze zijn overwegend wit met een roodbruine kop en een witte bles. De kop is krachtig en het neusprofiel is gebogen, de hangoren zijn breed en middenlang. De hoorns zijn donker en hebben een gemiddelde lengte.
Een volwassen boerbok weegt tussen 110 en 140 kilo. een volwassen boergeit weegt tussen 90 en 100 kilo.
Eigenschappen
De boergeit heeft een hoge groeisnelheid en een grote vruchtbaarheid. De lammeren komen 200 tot 250 gram per dag aan in de eerste 3 maanden. Als ze 3 maand oud zijn wegen ze gemiddeld 24 kg
Boergeiten worden niet gemolken, maar worden gehouden voor vleesproductie en landschapsbeheer. Ze worden naast schapen ingezet bij de begrazing van natuurgebieden. De boergeit kan zich prima aanpassen aan verschillende klimaten en terreinen